Vleermuisopvang Brabant
Vleermuizen in Nederland
In Nederland leven ongeveer 21 soorten vleermuizen. Hoe ze dat doen, waar ze dat doen, hoe ze wonen en wat ze eten lees je op deze pagina.
Verblijfplaatsen
Vleermuizen zijn letterlijk overal in Nederland, zowel op het platteland als in het bos als middenin de stad. Ze verblijven in gebouwen, bomen, vleermuiskasten, bunkers en grotten. Dit doen ze niet continu op dezelfde plek, vleermuizen verplaatsen zeer regelmatig. Alles is afhankelijk van de tijd van het jaar, de temperatuur (zowel binnen als buiten het verblijf), het geslacht van de vleermuis en de ligging ten opzichte van jachtgebieden.
Dwergvleermuizen, laatvliegers en grootoren zijn soorten die in gebouwen wonen en daarmee het dichtst bij mensen. Niet voor niets dat we deze soorten het meest zien in de opvang.
In de zomer wonen vrouwtjesvleermuizen samen in grote groepen waarin ze hun jongen krijgen en grootbrengen. Deze kolonies van de gebouwbewonende soorten bevinden zich vaak in spouwmuren, grote vleermuiskasten, achter gevelplaten of onder dakpannen.
Mannetjes leven in de zomer solitair. Ze slapen onder andere in vleermuiskasten, in ruimtes achter (rol)luiken, in boomholtes, in de spouwmuur, achter luiken en onder dakpannen,
In het najaar gaan de vleermuizen op zoek naar een geschikt onderkomen om hun winterslaap door te brengen. Tijdens deze zoektocht zien we wel eens grotere groepen vleermuizen die in een woning naar binnen vliegen. Nederlandse vleermuizen overwinteren in (hoge) gebouwen, bunkers, ijskelders en boomholtes. Sommige soorten blijven niet in Nederland maar trekken naar een locatie in het oosten of zuiden om in het voorjaar weer terug te komen.
Voedsel
Alle Nederlandse vleermuizen zijn insecteneters. Een vleermuis moet om te overleven per nacht een kwart tot een derde van zijn lichaamsgewicht aan insecten eten. Voor een vleermuis betekent dat per nacht wel 3000 muggen, motjes en kevertjes. Dit betekent dat bijvoorbeeld één enkele watervleermuis in de periode van 15 mei tot 15 oktober ruim 400.000 muggen kan verorberen. Een gemiddelde kolonie eet per zomer enkele honderden kilo's insecten. Er zijn geen andere dieren die zoveel nachtinsecten eten.
Veel van deze insecten zijn schadelijk voor de land- en bosbouw, dus levert de vleermuis bij de jacht een nuttige bijdrage. Grootoorvleermuizen eten bijvoorbeeld onder andere veel nachtvlinders waarvan de rupsen schadelijk zijn, denk aan de eikenprocessierups.

Een jaar in een vleermuisleven
Geen seizoen is hetzelfde voor een vleermuis. In elk jaargetijde hebben vleermuizen andere bezigheden en daarmee andere behoeftes, vooral op het gebied van beweging, samen of alleen zijn en onderkomen. Het hele jaar door krijgen we gewonde en verzwakte vleermuizen binnen. Elk seizoen kent daarbij zijn extra aandachtspunten.
Winterslaap
Vleermuizen houden een winterslaap. Deze duurt gemiddeld van oktober tot maart, al gaat de ene soort vroeger slapen dan de andere en zijn sommige soorten ook in de winter wel eens actief. Dit laatste geldt bijvoorbeeld voor de gewone dwergvleermuis, die zich wel eens buiten zijn winterverblijf laat zien als het buiten warmer dan 10 graden is. Zodra dat gebeurt kunnen ze een ongeluk krijgen of gepakt worden door een dier.
Ook komen er in deze periode wel eens vleermuizen binnen die verstoord zijn tijden hun winterslaap en niet kunnen blijven op de plek waar ze aangetroffen worden.
Wakker worden
In februari/maart komen de vleermuizen uit hun winterslaap. Sommige soorten hebben die ver weg van hun zomerverblijf doorgebracht en keren daar nu naar terug. Alle vleermuizen hebben een groot deel van hun lichaamsgewicht verloren dus de focus in deze periode ligt op zoveel mogelijk insecten verorberen en weer op gewicht komen. In april/mei gaan de vrouwtjes op zoek naar hun kraamkolonie.
In deze periode komen er veelal verzwakte vleermuizen de opvang binnen. Deze dieren hadden net niet genoeg reserves om de winterslaap goed door te komen.
Kraamtijd
De meeste vleermuisvrouwtjes krijgen maar 1 jong per jaar. Dit gebeurt in de periode eind mei tot half augustus (afhankelijk van de temperatuur en de soort vleermuis). Ongeveer 6 weken nadat ze geboren zijn vliegen de jonge vleermuizen uit.
De mannetjes leven in de zomer grotendeels solitair. Ze verblijven niet in de buurt van de vrouwtjes.
Vind je in deze periode een vleermuis, handel dan snel. Het kan een jong zijn dat snel warmte en voeding nodig heeft.
Paartijd
In september is het paartijd voor de meeste vleermuizen. Dit is de tijd waarin de mannetjes actief moeten worden. Ze proberen zoveel mogelijk vrouwtjes te lokken en te bevruchten.
Na het paren is het tijd om de winterverblijfplaats op te zoeken. Voor sommige vleermuizen is die relatief dichtbij de zomerverblijfplaats, voor anderen begint nu een reis van honderden en soms wel duizenden kilometers naar het oosten of zuiden.
In deze periode krijgen we veel meldingen van groepjes vleermuizen die een gebouw binnen zijn gevlogen. Ook overactieve en daardoor uitgeputte mannetjes zien we nu vaak.
Soorten
In Nederland komen ongeveer 21 soorten vleermuizen voor. Op Vleermuis.net vind je een uitgebreidere beschrijving van deze soorten.





